Jef had geen trek in bananen. Jef stond bekend als hardleers, ongehoorzaam. Tot twee weken geleden, toen hij na anderhalf jaar ontdekte dat wanneer de verzorgers zijn naam riepen, ze daarmee wel degelijk hem bedoelden. Kortom: pas na anderhalf jaar had Jef in het snotje dat hij Jef was. Ongetwijfeld het gevolg van het nu al legendarische verjaardagsfeestje annex bacchanaal dat de andere verzorgers destijds voor zijn verzorger georganiseerd hadden. Had Jef even geluk zeg, dat hij de dag erna, toen iedereen nog halfzat aan het werk was, geboren werd! Hoeveel moet je wel niet gedronken hebben om een aap Jef te noemen...? Neen, Jef had het niet begrepen op verzorgers...
Als men nu zijn naam riep, keek hij weliswaar om, maar dan enkel om de verzorger in kwestie te trakteren op een fikse middelvinger.
Zo was Jef op twee weken tijd uitgegroeid tot niet minder dan drie unica (mv. van unicum, fdb.)! Niet alleen was hij de enige aap ter wereld die Jef heette, niet alleen was hij de enige aap ter wereld die niet tuk was op bananen, hij was ook de enige aap ter wereld die zijn middelvinger te pas en te onpas (en toevallig genoeg enkel wanneer er verzorgers in de buurt waren) de lucht instak!
De hele situatie had hem apatisch gemaakt. De aandacht van de enorme mensenmassa die zich sindsdien steevast voor het apenverblijf gevormd had, als gevolg van de drie unica genaamd Jef, kon daar niets aan veranderen. Vroeger had hij al die aandacht leuk gevonden. Vroeger zwaaide hij met plezier van hier naar daar, snuffelde hij enthousiast aan anderaaps anus en had hij zijn fecaliën met volle overtuiging naar de anderen gesmeten.
Van al die beroepsernst bleef niets meer over.
Apatisch zat hij in een hoekje van het apenverblijf. Niets boeide hem nog. Zelfs de stront uit Coco's vacht krabben zou hem nu geen voldoening geschonken hebben. Coco, dat was tenminste een normale naam voor een aap. Of Kong of Bubbles, zoals enkele andere apen heetten. Ja, eentje hadden ze voor de lol Dr. Zaius genoemd, maar dan ook enkel en alleen omdat de aap in kwestie belachelijk blond was voor een orang-oetan. En ja, een orang-oetan, wie maalt daar nu om... Een fiere chimpansee als Jef alleszins niet.
Ineens kreeg hij een idee. Als een plots ontdekt brokje stront in de vacht van een medeaap, overviel hem die ene briljante gedachte.
Dus toen één van de verzorgers het verblijf betrad en nietsvermoedend op de sloom ogende Jef afging, sprong laatstgenoemde plots recht en stortte zich als een razende gek op de ballen van de verzorger.
Jef had besloten de verzorgers te doen boeten voor het aangedane leed. Minstens ééntje zou het bekopen en als voorbeeld gelden voor de anderen. Hij nam zijn toevlucht dan ook tot dat waar apen de besten in zijn: amok maken, keet schoppen en ballen vreten.
De andere apen hadden verbaasd toegekeken hoe de verzorger hevig bloedend zijn lot onderging, tastend naar wat overbleef van zijn kruis, terwijl Jef er vandoor ging met een buitgemaakte bal.
Toen de andere verzorgers arriveerden, de karabijnen bovengehaald werden en Jef wist wat hem te wachten stond, ging hij naar de verminkte verzorger toe, boog zich over hem heen en deed, nét voor de eerste kogel hem in de hartstreek trof, iets wonderbaarlijks;
hij plaatste een joekel van een fluim pal op het voorhoofd van de verzorger.
Alweer een unicum!
Als men nu zijn naam riep, keek hij weliswaar om, maar dan enkel om de verzorger in kwestie te trakteren op een fikse middelvinger.
Zo was Jef op twee weken tijd uitgegroeid tot niet minder dan drie unica (mv. van unicum, fdb.)! Niet alleen was hij de enige aap ter wereld die Jef heette, niet alleen was hij de enige aap ter wereld die niet tuk was op bananen, hij was ook de enige aap ter wereld die zijn middelvinger te pas en te onpas (en toevallig genoeg enkel wanneer er verzorgers in de buurt waren) de lucht instak!
De hele situatie had hem apatisch gemaakt. De aandacht van de enorme mensenmassa die zich sindsdien steevast voor het apenverblijf gevormd had, als gevolg van de drie unica genaamd Jef, kon daar niets aan veranderen. Vroeger had hij al die aandacht leuk gevonden. Vroeger zwaaide hij met plezier van hier naar daar, snuffelde hij enthousiast aan anderaaps anus en had hij zijn fecaliën met volle overtuiging naar de anderen gesmeten.
Van al die beroepsernst bleef niets meer over.
Apatisch zat hij in een hoekje van het apenverblijf. Niets boeide hem nog. Zelfs de stront uit Coco's vacht krabben zou hem nu geen voldoening geschonken hebben. Coco, dat was tenminste een normale naam voor een aap. Of Kong of Bubbles, zoals enkele andere apen heetten. Ja, eentje hadden ze voor de lol Dr. Zaius genoemd, maar dan ook enkel en alleen omdat de aap in kwestie belachelijk blond was voor een orang-oetan. En ja, een orang-oetan, wie maalt daar nu om... Een fiere chimpansee als Jef alleszins niet.
Ineens kreeg hij een idee. Als een plots ontdekt brokje stront in de vacht van een medeaap, overviel hem die ene briljante gedachte.
Dus toen één van de verzorgers het verblijf betrad en nietsvermoedend op de sloom ogende Jef afging, sprong laatstgenoemde plots recht en stortte zich als een razende gek op de ballen van de verzorger.
Jef had besloten de verzorgers te doen boeten voor het aangedane leed. Minstens ééntje zou het bekopen en als voorbeeld gelden voor de anderen. Hij nam zijn toevlucht dan ook tot dat waar apen de besten in zijn: amok maken, keet schoppen en ballen vreten.
De andere apen hadden verbaasd toegekeken hoe de verzorger hevig bloedend zijn lot onderging, tastend naar wat overbleef van zijn kruis, terwijl Jef er vandoor ging met een buitgemaakte bal.
Toen de andere verzorgers arriveerden, de karabijnen bovengehaald werden en Jef wist wat hem te wachten stond, ging hij naar de verminkte verzorger toe, boog zich over hem heen en deed, nét voor de eerste kogel hem in de hartstreek trof, iets wonderbaarlijks;
hij plaatste een joekel van een fluim pal op het voorhoofd van de verzorger.
Alweer een unicum!
2 reacties:
Een schets van de mens die na het binnensijpelen van enige realiteitszin de levenslust ziet wegebben en dan maar beslist om op zijn maker (in dit geval naamgever, in ons geval wijzelf) te fluimen? Daar kan ik inkomen. Maar ja, ik kan dan ook OVERAL in kómen.
Of gewoon wat apekool?
Heerlijk stukje weeral.
Een reactie plaatsen